Voor altijd op mijn arm
Mijn eerste tattoo liet ik zetten op m’n 16e. Stiekem, zonder toestemming van m’n ouders. Een (in mijn ogen) abstract zonnetje gezet door wijlen tattoo Wim uit Groningen. Omdat ik het stoer vond, een tattoo. Rebels… Ik heb m’n moeder nog nooit zó kwaad gezien toen ze diezelfde avond nog de tattoo op mijn arm ontdekte.
Toen ik 40 was besloot ik het zonnetje te coveren. Morris had een jaar daarvoor namelijk naar m’n tattoo gewezen en zei: “tractorwiel”. Aangezien het me mooi leek om Roos en Morris op mijn lichaam te vereeuwigen vroeg ik Josephine van Clairobscura uit Groningen of ze een tattoo wilde ontwerpen. Het werd een prachtige roos voor Roos en een schattig goudvinkje voor Morris.
En hoewel er vaak gezegd wordt dat wanneer je een tattoo hebt, je er meer wilt, werd ik nooit echt aangestoken door het ‘tattoovirus’. Het bleef bij die ene mooie tattoo op mijn schouder.
Na Roos haar overlijden voelde ik echter heel sterk dat ik nog een tattoo wilde. Voor Roos. Om haar altijd zichtbaar bij me te dragen. Duidelijk was dat ik deze tattoo in dezelfde stijl als de andere wilde, dus nam ik weer contact op met Josephine. Vorige week heeft ze (weer) een prachtige tattoo op mijn arm gezet.
Klaprozen, vergeet-mij-nietjes, gele vlinders uit de Disneyfilm Encanto en kleurrijke bloemen… Speciaal voor mijn kleurrijke bloemenkind. Speciaal voor mijn allermooiste en allerliefste Roos.
Een tattoo met een bijzonder diepe betekenis. Met veel symboliek passend bij Roos èn mij. Bij ons samen. Van ons samen.
Ik ben er ongelooflijk blij mee!
