Vakantie vol herinneringen
We zijn weer thuis. Terug van vakantie. Thuis in een leeg huis. De poezenbeesten en onze lieve buren, mijn ouders, zijn blij ons weer te zien, maar thuiskomen voelt nog steeds wrang. Roos haar kamer blijft leeg.
Deze vakantie is de eerste echte zomervakantie zonder Roos. Vorig jaar schreeuwde alles in mij dat ik thuis wilde blijven. Ik was nog niet klaar om weg te gaan zonder Roos. Toch gingen we. Er was vóór Roos haar overlijden al een week geboekt op Biovakantieoord met lieve vrienden en we reisden heel impulsief een paar dagen naar Terschelling en een camping in de buurt. Maar ik ging vooral voor Morris. Zelf beleefde ik alles in een soort roes.
Dit jaar voelt het oké om weer ècht op vakantie te gaan. Ik heb zelfs een beetje zín om weg te gaan. Zestien dagen kamperen in Frankrijk. Een totaal andere vakantie dan de vakanties die we de afgelopen 12 jaar beleefden. In positieve en negatieve zin en met onwijs veel tegenstrijdige emoties. Het is warm, mooi, rustig, makkelijk, gezellig, pijnlijk en verdrietig.
‘s Morgens staan we op zonder plan en kijken wat de dag ons brengt. We kunnen weg en maken uitstapjes zonder na te denken over de tijd of toegankelijkheid. Ik hoef niets te doen in de hitte, kan rustig lezen en me overgeven aan het moment zonder bezig te zijn met dingen die moeten gebeuren. Ik hoef niets en ervaar rust. Het is fijn. Maar ook confronterend.
Het idee dat we nog nooit zo lang zonder Roos weg zijn geweest maakt me verdrietig. We zijn nooit langer dan 6 nachten zonder haar weg geweest omdat we haar niet zo lang wilden missen. Daarnaast was het praktisch en financieel niet haalbaar om haar langer dan een week te laten logeren. We zijn nu gewoon twee en een halve week weg. Het maakt keihard duidelijk dat Roos er écht niet meer is. Dat het missen definitief is.
De confrontatie zit ook in de kleine dingen:
Het kasteel waar we verrast worden door de toegankelijkheid. De lichtshow waarvan we zeker weten dat Roos die ook zo mooi gevonden zou hebben. Een jongetje in een rolstoel dat over de camping rijdt. De toetjes, crêpes en wafels in de supermarkt. De gebakjes op mijn verjaardag (ik kocht er tóch vier). Alle klaprozen in de berm…
In de rust denk ik veel na over de vakanties die we met Roos hadden. Nu ze er niet meer is, zie ik pas hoe onwijs waardevol die vakanties waren.
Alle uitstapjes naar dierentuinen, musea, pretparken en marktjes. De harde scheet die Roos liet boven op een berg in Duitsland en het keiharde gelach van Jasmijn daarna. Op Texel voor het eerst met haar voeten in zee tijdens een vakantie met opa en oma. De mooie vriendschappen die we sloten op die bijzondere camping in Frankrijk. Hoe Roos haar ogen uitkeek in Disneyland Parijs. Slapen in een tent op die mooie inclusieve camping de Ruimte in Dronten. De vakantiehuizen van Ronald MacDonald en BioVakantieoord. De wandeling langs de gekleurde huizen van Nyhavn in Kopenhagen. De pizza’s met Roos haar klasgenootje en familie aan een meer in Zweden…
Op vakantie met Roos was altijd keihard werken zonder de hulp en hulpmiddelen van thuis. We moesten altijd en overal rekening houden met de epilepsie en beperkingen. En ik ben alle mental breakdowns die ik had tijdens die vakanties nog niet vergeten. Evenals de extreme vermoeidheid. Maar ik ben zó blij dat we het steeds weer aandurfden. Dat het voor ons vanzelfsprekend was dat Roos meeging. Omdat ze erbij hoorde. En nu komen tijdens mijn vakantie in Frankrijk die prachtige herinneringen naar boven waar ik met een warm gevoel op terugkijk. We flikten het gewoon steeds weer.
We gingen samen op vakantie.
